De Hermitage was op 8 september de plaats waar ruim 350
erfgoedprofessionals en archivarissen verenigd waren voor
Kom je ook? 2 georganiseerd door Mediamatic.
De discussie ging over het al dan niet toepassen van
interactieve internetapplicaties en sites om het publiek te
bereiken.
‘Go where your audience is’ en ga waar meer culturele
instellingen en gebruikers verenigd zijn. Dat is de
boodschap van Frankie Roberto, experience ontwerper
bij Rattle, en de eerste keynote spreker van de middag.
Erfgoedinstellingen moeten via publieke commons
contact krijgen en interactie creëren met hun publiek.
Twitter, hyves, wikimediacommons, flickr en thinglink
zijn belangrijke kanalen van waaruit het publiek de
organisatie kan bereiken. Internet is volgens Frankie
Roberto dé manier om connecties te leggen tussen
verschillende content, organisaties en gebruikers. Via de
commons vindt de bezoeker niet alleen digitale
informatie, maar ook waar hij of zij bijvoorbeeld een
tentoonstelling over het onderwerp kan bezoeken en in welke
archiefbewaarplaats meer informatie te vinden is. Het
opbouwen van een eigen platform voor een organisatie voegt
weinig toe als deze de gebruiker geen nieuwe mogelijkheden
biedt. Content moet in beweging zijn en kan van waarde zijn
door de context waarin deze wordt gebruikt. Het recyclen van
content in verschillende commons maakt het
bereikbaar, bruikbaar en betekenisvol. Kort samengevat is
zijn aanbeveling: zet je content vrij op het web en je
publiek zal je vinden.
Gillian Moore, hoofd Hedendaagse cultuur van het Southbank
Centre in Londen, sprak over het betrekken van het publiek
bij de organisatie. Het openstellen van je content kan
leiden tot participatie en tot nieuwe producten. Haar
belangrijkste boodschap is dat je als culturele organisatie
eerlijk moet zijn tegenover het publiek en integer moet
omgaan met de collectie of het archief. Helder is haar
uitspraak: ‘If you talk down to people, you fail.’ In haar
werk betekent het dat er geen 21ste eeuwse muziek in een
concertgebouw te horen is en geen symfonieorkest op een
festival, maar wel fraaie negentiende-eeuwse stukken voor de
oudere bezoeker en Philip Glass op hippe evenementen.
De interludes werden ingevuld door Paul Keller over
Wiki loves art. Hij antwoordde een volmondig 'ja'
op de vraag of het project een succes was geweest. Het
publiek had in grote getale geparticipeerd aan het
kunstproject en het museumbezoek was in de projectperiode,
ook buiten de Randstad, gestegen. Willem Velthoven van
Mediamatic demonstreerde het Joods Digitaal Monument. Een
website die, via je IPhone of Blackberry met GPS systeem,
toont waar welke Joodse families woonden ten tijde van de
Tweede Wereldoorlog op de plek waar de bezoeker zich op dat
moment bevindt. De data zijn mede door het Joods Historisch
Museum verzameld. De gegevens die de gebruikers op hun
apparaat te zien krijgen bestaan uit locatie, namen, foto’s
en andere persoonlijke archivalia waardoor de zoekmachine
naar mijn smaak een onbetamelijke kijk in het leven van een
persoon geeft.
De middag werd afgesloten met de DOEN pitch. Het
publiek werd onderdeel gemaakt van een 2-minuten opera door
de mensen van Yo Opera! waarbij ook de fluitjes,
die uitgereikt waren aan de sceptische collega’s, van pas
kwamen. Meerdere kandidaten deden een gooi naar de
clinic die Mediamatic en DOEN dit jaar aanbood
waaronder Nienke Rooyakkers met haar bijzondere plan
Vergeten Veldjes en n8 met het project Art Sounds.